Butlertelling op dinsdagavond

butlerOp dinsdagavond spelen beide lijnen butlerbridge in de eerste twee competities. Daarom herplaatsen we dit artikel uit 2014 waarin Hans van der Heijde de butlertelling uitlegt.

Verreweg de meeste spelers die al eens een competitie hebben gespeeld met een Butler scoreberekening vinden die aantrekkelijker dan een ‘gewone’ parentelling.

Een paar opmerkingen over Butler.

  1. ‘Gewoon’ of Butler, het blijft bridge, denk dus niet dat je ineens met een heel ander spel te maken hebt.
  2. Bij de ‘gewone’ parentelling doet het er niet toe HOEVEEL je meer of minder gescoord hebt dan de anderen: zitten de anderen allemaal (kwetsbaar) in 2 sans plus 1 en jij in 3 sans contract, dan heb je een top. Maar je zou ook een top hebben als je als enige 2 sans plus 2 hebt gehaald. 30 meer of 450 meer dan de anderen (dankzij de manchepremie), het doet er niet toe, een top is een top.

Bij een Butler score berekening doet dat puntenverschil er wél toe: halen alle anderen 150 voor 2 sans plus 1, maar jij 600 voor 3 sans contract, dan verdien je 450 punten (die in imps worden omgezet).

Punt 2 maakt voor velen Butler-telling aantrekkelijk: het voelt ‘eerlijker’ als de punten die je haalt ook in je eindresultaat tot uitdrukking komen. Ga maar na met dit voorbeeld van een gewone parentelling: je haalt een top met 6 sans contract, omdat alle andere paren in 3 sans bleven steken, maar in het volgende spel laat je, nog nagenietend van je mooie slem, als enige de leider per ongeluk een overslagje maken in zijn 3Kl-contract. Ai, een nul en je bent weer terug bij af, want tegenover je top staat nu een nul. Die 500 punten voor je slempremie blijken in paren net zoveel waard als die 20 punten die je hebt weggegeven met dat overslagje in 3Kl.

Bij een Butlertelling heb je 20 punten (= 1 imp) weggegeven met dat overslagje, maar die 500 (= 11 imps) voor de slempremie blijven op je conto staan.

Nogmaals, butler- of parentelling, het blijft bridge. Maar ik heb wel een paar adviezen als je voor het eerst met een Butler-telling te maken krijgt.

  1. Als je leider bent is je contract maken heilig. Zoek naar de kansrijkste spelwijze en neem geen risico’s op down bij het op jacht gaan naar een overslagje.
  2. Mis geen manches.
  3. Maar ga niet tegen beter weten in manches bieden omdat het nu eenmaal Butler is.
  4. Als je tegenspeelt, probeer de leider dan down te spelen. Het is niet erg als je daardoor een overslagje weggeeft, omdat het contract nu eenmaal niet down kon. Dat kost je immers maar 20 of 30 punten, terwijl hem down spelen jou een heleboel punten kan opleveren: +100 voor 1 down of -620 voor 4Sc kwetsbaar contract scheelt 720 punten!
  5. Als je na een biedmisverstand in een rampcontract zit, gedoubleerd ook nog, en je ziet al direct dat je minstens vier down gaat, ga er dan niet met de pet naar gooien onder het motto: een nul is een nul, vier down of zes down, wat maakt het uit. Nee, probeer de schade zoveel mogelijk te beperken, want bij Butlertelling gaat die schade tellen.

Voor wie precies wil weten hoe die telling werkt:

Bij een butlertelling worden de scores in beginsel zo berekend: alle resultaten van een spel van alle NZ-paren worden bij elkaar opgeteld en gedeeld voor het aantal NZ-paren. Dat levert een gemiddelde plus- of minscore op voor NZ (en voor OW natuurlijk ook, maar dan min/plus). Elke individuele NZ-score wordt vergeleken met dat gemiddelde en het positieve of negatieve saldo wordt vertaald naar imps (international match points). Wat elke NZ plus of min scoren aan imps krijgen hun OW-tegenstanders op dat spel min of plus in imps uitgekeerd. Die imps staan in een de imp-schaal die gebruikt wordt bij viertallenbridge, vandaar dat Butler ook wel wordt beschouwd als parenbridge met een viertallenscore.

Een voorbeeld: 12 paren in de lijn en per spel dus 6 NZ-scores; laten we zeggen dat NZ kwetsbaar zijn. Dit zijn de resultaten:
1 keer 3Sc+1 = + 170,
3 keer 4ScC = 3 keer + 620,
2 keer 4Sc-1 is 2 keer -100.
Totaal: 170 + 1860 – 200 = 1830. Dat delen we door 6 en dat geeft 1830 : 6 = 305.
Dat heet de ‘Datumscore’.

Voor 3Sc + 1 en +170 blijf je dan 135 achter op die Datumscore; -135 = -4 imps
(en het OW-paar dat -170 noteerde krijgt dus +4 imps).
Voor 4Sc C voor 620 heb je 315 meer dan die Datumscore; +315 = +8 imps
(en de 3 OW-paren die -620 schreven halen dan -8 imps).
Voor 4Sc -1 voor -100 blijf je 405 achter op die Datumscore: -405 = -9 imps
(en de twee OW-paren die +100 schreven halen dan +9 imps.

Ik schreef ‘in beginsel’, want bij voldoende paren worden de hoogste en de laagste score niet meegerekend voor bepaling van de gemiddelde score. Staat er vijf keer 1 sans contract voor + 90 in de NZ kolom en 1 keer 7Kl gedoubleerd min 5 voor -1400, dan wordt die -1400 niet meegenomen voor de bepaling van de gemiddelde score, de Datumscore. Die is dus +90 voor NZ. Maar die 7Kl-dwazen krijgen wel -1490 = -16 imps aan de broek (en hun gelukkige tegenstanders +16 imps). Waarom die score niet meerekenen voor de Datumscore? Om ervoor te zorgen dat niet alle resultaten ernstig worden beïnvloed door één dwaze, viercijferige score.

Nog vragen? Stel ze en ik zal ze naar vermogen beantwoorden.

Hans van der Heijde

Dit bericht is geplaatst in Artikelen. Bookmark de permalink.

Een reactie op Butlertelling op dinsdagavond

  1. Hester Gast schreef:

    Uitstekend uitgelegd. Had het niet beter kunnen verwoorden. En kennelijk is het ZO duidelijk, dat er ook geen enkele vraag op je artikel is gekomen en iedereen in het nieuwe seizoen zonder problemen is gaan butleren….. Zou de weg vrijgemaakt zijn om eindelijk weer eens te kunnen viertallen binnen de BCL?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *