Seniorenviertallen in Ureterp

vraagteken_klaver.pngOp 12 april deden wij – Harry Burmania en Willem Flisijn met John Linse en ik – mee aan de het Drie Districten Seniorenviertallentoernooi in Ureterp. Dat goed was bezet met 20 teams uit Friesland, Groningen en Drente. Waaronder een paar sterke, van tweede divisieniveau of zelfs hoger, een hele rij van hoofdklasseniveau en een paar teams met betrekkelijk weinig ervaring op viertallengebied.

Wij waren niet het enige BCL-team, ook Jand de Caluwe, Elbert Ettema, Hannie van Baalen en Rob Vleeschouwer deden mee; ze eindigden op een verdienstelijke zesde plaats met ruim 11 punten gemiddeld per wedstrijd.

Vooraf zouden we getekend hebben voor de 89 punten, bijna 15 gemiddeld per wedstrijd, die we haalden, maar helemaal tevreden waren we uiteindelijk niet: we eindigden als tweede achter een Drents-Gronings team van BC De Zeerob, dat 91 punten haalde.

Seniorenviertallen is voor spelers van 60 jaar en ouder. Dat is zo’n beetje 95 procent van bridgend Nederland. Die lui van 59, mogen die zichzelf junioren noemen? Overigen sprak een deelnemer, die even tevoren een paar grove blunders had begaan, in de wandelgangen van het Alzheimer-toernooi.

Tijdens de eerste wedstrijd, tegen een weinig ervaren team, gebeurde iets raars. Ik opende 1Kl met een vlakke 14-punter. John en ik spelen 1Kl-openingen als echt, dat wil zeggen: een vierkaart of langer. Ik had een vierkaart, zij het Kl9xxx.

Mevrouw links vraagt vervolgens aan John: “Wat betekent die 1Kl?”
Ze had onze systeemkaart voor zich liggen en had daar ook op kunnen kijken; afgezien daarvan: John had niet gealerteerd en dus zou ik er minstens drie moeten hebben.

John: “Ik heb NIET gealerteerd”
Zij: “Dat wordt wel eens vergeten en daarom vraag ik het maar.”
John: “Toch moet u een beetje oppassen met zulke vragen, die suggereren vaak meer dan ze vragen.”
Zij: “Nou, ik wil niks suggereren en ik heb mijn kaart nog niet eens ingezien.”
(Het waarheidsgehalte van die laatste opmerking was niet erg hoog, meen ik …).
Enfin, ze past en via John 1Ru, ik 1Sc en John 2SA komen we in 3SA.

Meneer rechts moet dus uit en dat doet hij zonder aarzeling: KlB. Ik zie John fronsen en ik zie hem nog meer fronsen als ik mijn dummy heb neergelegd: hij heeft zelf twee kleintjes in klaveren. Hij wil al om een arbiter vragen, maar slikt dat in als ik zeg dat dat kan wachten tot na het afspel. Die zal namelijk alleen maar zeggen: speelt u het eerst maar af en als u meent benadeeld te zijn door het een of ander, dan ga ik daar naar kijken.

KlB wordt door mevrouw links genomen met KlH en ze speelt Kl10 terug. Die meneer rechts overneemt met KlV om vervolgens KlA te incasseren en daarna te switchen naar ruiten. Ja, u leest het goed: Kl9 is nu hoog. En de negende slag. Na KlA, KlV en KlB, overgenomen door mevrouw links om daarna Kl10 te incasseren, was 3 sans down gegaan, maar had dit verhaal nog een arbitraal staartje gekregen.

Ik geloof niet dat deze mensen zich van enig kwaad bewust waren, maar deugen doet het niet, deze vraag-uitkomst combinatie.

Maar hoe zit het ethisch gesproken nu eigenlijk met vragen stellen tijdens de bieding?

Neem dit voorbeeld (aan de praktijk ontleend): je hebt KlAB10 en verder rommel. Links opent 1Ha, rechts 1Sc, links 2Ru en rechts 3Kl (vierde kleur), gealerteerd. Links 3Ru (5Ru/5Ha/kennelijk), rechts 4Ru. Links 4Ha (controlebod), rechts 4Sc (dito), links 4SA (azenvragen), rechts 5Kl.

Als je nu gaat vragen wat 5Kl betekent ben je ethisch niet goed bezig. Waarom vraag je dat eigenlijk? Eerlijk zeggen. Toch zeker om aan je partner duidelijk te maken dat een klaveruitkomst, straks, tegen 5Ru of 6Ru welkom is, nietwaar? Kortom, je vraag is helemaal geen vraag, maar een mededeling aan je partner.

Als je toch graag aan je partner wilt vertellen dat je een klaveruitkomst wenst, doubleer 5Kl dan!

Vragen

In het algemeen behoor je de volgende regels toe te passen:

  1. Als je helemaal niet aan de bieding wilt deelnemen omdat je tramkaartjes hebt, vraag dan ook niks gedurende de bieding. Pas als de bieding gesloten is kun je het biedverloop opvragen. Als je zelf moet uitkomen alvorens dat te doen, als je partner moet uitkomen – en niks vraagt – nadat die – gedekt! – is uitgekomen. Als je vraagt, vraag je het HELE biedverloop op, om de suggestie te vermijden dat je alleen in een specifieke kleur bent ge├»nteresseerd.Misbruik deze regel niet! Gebruik ‘m dus niet in de zin van: partner, ze alerteren van alles, maar ik vraag niks en dus heb ik niks.
  1. In het geval van een gealerteerd openingsbod op tweeniveau of hoger links van je, mag je best vragen naar de betekenis, omdat je dankzij de stopregel niet met een aarzeling kunt verraden dat je toch wel wat hebt (ja, de stopregel dient dus goed te worden gerespecteerd).
  2. Soms hangt het van de betekenis van een bod af of je wel of niet actie onderneemt. Dan kun je vragen. Neem deze: links van je 1Ha, partner past, rechts 4Ha.
    Je hebt: ScAHBxx Hax RuHBxx KlBxx en niemand is kwetsbaar. Als 4Ha betekent: fit + manchepunten, dan pas je, want je partner zal niks hebben. Maar als 4Ha de klassieke Culbertsonbetekenis heeft: minstens vier troeven met een plaatje, een singleton en verder hooguit een aas, dan is 4Sc het overwegen waard. Bedenk eerst (gedurende de 10 seconden die de stopregel je verschaft!), of je 4Sc gaat bieden als rechts een zwakke variant belooft. Zo ja, vraag dan. Blijkt 4Ha toch sterk, dan ben je snel weg, is het zwak, dan bied je 4Sc.Let wel: je hebt gevraagd naar de betekenis van een niet-gealerteerd bod!
  1. Direct vragen naar de betekenis van 1Kl– en 1Ru-openingen? Wees daar uiterst terughoudend in. Op de club ken je je pappenheimers wel en tegen vreemde tegenstanders heb je hun syteemkaart. Zo’n vraag stellen omdat je (nogal) wat in die kleur hebt? Nee, dat deugt absoluut niet. Ja, je kunt er veel voordeel van hebben: je partner “begrijpt” je vraag, wat tevens impliceert dat hij begrijpt dat je niet al teveel in die kleur hebt als je niet vraagt.Maar dit heet ‘het op ongeoorloofde wijze overdragen van informatie’ (OI).
    Ooit had ik een partner die op de vraag naar wat mijn 1Ru-opening betekende, antwoordde: “Dat betekent dat U ruitens hebt!” Dat werd ruzie natuurlijk. De vraagster had RuHB10xx …
  1. Kun je je partner niet brengen tot het respecteren van regel 4? Kom dan nooit uit met de kleur waar hij naar vroeg, dan leert hij dat vanzelf.

Antwoorden

Bij vragen horen antwoorden. Algemene regel: geef volledige opening van zaken. Jij 1Ha, partner 4Ha en rechts vraagt wat 4Ha is? Nu zeggen: “dat wil hij spelen” is geen antwoord. Als het jullie stijl is om 4Ha te bieden met 4 of meer troeven, een singleton ergens en een aas en meer niet, zeg dat dan. Zelfs als je daarover niet een expliciete afspraak met je partner gemaakt hebt.

Er bestaat veel verwarring over wat te doen na een foutieve uitleg van je partner van een bod van jou. Dan gelden de volgende regels:

  1. Hou je mond zolang de bieding nog gaande is.
  2. Maak geen gebruik van die foute uitleg, dat wil zeggen: bied door alsof je partner WEL de juiste uitleg heeft gegeven.

(ontleend aan een clubavond: rechts van je 1Ha. Jij 2SA met xx, x, AVxxx, HVxxx, 5/5 laag dus en geheel volgens afspraak. Je partner alerteert niet. Links past en je partner biedt 3SA. Rechts vraagt wat 2SA was. “20-22, verdeeld en met goeie hartenstops”, zegt je partner. Rechts doubleert. Wat nu? PAS! Je zou toch ook gepast hebben als je partner had gezegd: “5/5 laag”?)

  1. Als je leider wordt, of dummy, stel de tegenstanders nadat de bieding gesloten is, maar VOOR de uitkomst – op de hoogte van wat er fout was aan de uitleg.
  2. Als je gaat tegenspelen, HOU DAN JE MOND tot de laatste kaart gespeeld is, en stel dan pas je tegenstanders op de hoogte van de foute uitleg.

Waarom dat verschil tussen 3 en 4? Omdat je bij (4) je partner misschien nog op tijd kunt vertellen wat je werkelijk in je handen hebt, zodat hij zijn tegenspel daar op kan afstemmen.

Hans van der Heijde

Dit bericht is geplaatst in Artikelen. Bookmark de permalink.

3 Responses to Seniorenviertallen in Ureterp

  1. Marten schreef:

    Help me even herinneren dat ik speciaal voor jou die paar spelletjes even een precisievariant uit de mottenballen trek: kan ik met een grote grijns roepen: “dat wil hij spelen” (en daarna met een nog grotere grijns doubleer :))

  2. Cor schreef:

    Deugen doet het niet schreef je. Ik meen toch dat wij tegen hetzelfde viertal gespeeld hebben. Na 1 harten een zwakke sprong in schoppen (6 krt geen opening zelden een 5 krt) Als rechts dan tot 5 keer een uitleg vraagt over de betekenis van dat bod? Ze belanden in een volkomen dichte 4 harten welke voor -2 gespeeld wordt. Rechts van mij verzon na 5 keer vragen dbl op 2 schoppen. Uiteindelijk komt op tafel een mooie AJ109x van schoppen. Laten we het erop houden dat deze mensen het spelletje gewoon leuk vinden. Hoe lang? Kennelijk al wat jaartjes want het dbl werd keurig begrepen als negatief.

  3. Wim Ooiman schreef:

    Duidelijk verhaal, Hans. Hopelijk leidt het tot resultaat.
    Even een ‘aanvulling’ op 2 aan het eind: (1H) 2SA pas 3SA (D). Het doublet kwam na verkeerde uitleg van partner van 2SA. Dat je moet passen heb je mooi uitgelegd. Maar wat moet er gebeuren als partner, wakker geschud door het doublet, zegt: “Ik heb me vergist met de uitleg van 2SA, het moet zijn: 5-5 laag.”, mag hij nu 4K bieden? Natuurlijk mag dat niet en moet allereerst de arbiter worden geroepen. Maar wat moet die beslissen? (Ook interessant of partner eigenlijk niet direct de arbiter had moeten raadplegen voordat hij zijn mond open deed.)

    Groet

    Wim

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.