Spel van de week 128: grootslemperikelen

Zit je na een biedkronkel in een te hoog contract? Bewaar (zelf-)kritiek op de bieding tot na het spel en concentreer je op het afspel.

Je krijgt op dinsdagavond 2 november jl. als Zuid (O/Allen): AHV72, 4, AH72, V98.
Ik heb het spel overigens 180 graden gedraaid, om reden van duidelijkheid.
Oost past en je opent 1 (OW passen verder).
Maat 3. Je veert op, want dat betekent in jouw systeem: 4-kaart en 16+-punten.
Je doet het kalm aan met 3, echt.
Maat 3, idem.
Je hebt een aardig speeltje in de vorm van een 3SA-bod: maat, ik heb overwaarde en slem-interesse.
Maat 4, een controlebod.
Jij 4, idem.
Maat 4, idem.
Je vraagt met 4SA de azen: maat 5, twee.
Je vraagt met 5SA de heren: maat 6.
Hm, je hebt met deze maat (hij valt in voor je vaste partner) niet doorgenomen of hij twee heren aangeeft, of alleen maar H. Maar goed, hij heeft 16+-punten en behalve twee azen en H dus nog minstens 5 honneurpunten.
Kortom, je biedt 7.

West komt uit met 9

N/- BT63
AHB5
83
A32
9


N
W      O
Z



AHV72
4
AH72
V98
W N O Z
p 1♠
p 3♣ p 3
p 3 p 3SA
p 4♣ p 4
p 4 p 4SA
p 5 p 5SA
p 6 p 7♠
p p p

Helaas, die 16 punten blijken er maar 13 te zijn. Maar dat is van later zorg, nu eerst proberen 7 te maken.
Je neemt de uitkomst, incasseert AH en troeft een ruiten met T. Met troef naar V en kijk, de troeven zitten 2-2.
Hoe verder? Dit is het moment om op je handen te gaan zitten en verschillende scenario’s in gedachten door te nemen.
Stel, je troeft ook je vierde ruiten. Dan ben je in de dummy, zonder directe oversteekmogelijkheid naar je hand. Je moet twee klavertjes kwijt; eentje kan weg op een harten, maar die andere?
Je kunt spelen op Vxx ergens: na die tweede ruiten te hebben getroefd, incasseer je AH en troeft 5. Als V is gevallen, steek je over naar A en gooit op B je tweede klavertje af voor contract.
Maar wat als V niet is gevallen? Dan heb je nog een kans: dat west zowel H als V heeft.
Je incasseert je troeven; met nog eentje te gaan heb je V en V9 over. West heeft dan hopelijk V en Hx over, terwijl de dummy nog B en A3 heeft.
Nu speel je je laatste troef. West gooit – met B zichtbaar – natuurlijk x weg, uit de dummy gaat B weg en met A en V maak je de laatste twee slagen.
Mooi, nietwaar? Maar denk nog even na. Voor die dwang moet west V en H hebben.
Maar als hij V heeft, zit zij goed en kun je ook naar B snijden.
Hoe groot is eigenlijk de kans dat V sec, in een dubbelton, of in een 3-kaart zit, met acht uitstaande harten? Aan tafel kun je dat niet nauwkeurig uitrekenen. Maar je voelt wel aan dat die kans een stuk kleiner is dan 50 procent is. De harten 5-3 zal in de buurt komen van 50 procent; de vrouw in de 3-kaart is daar 3/8 van, een procent of 18/19 dus. Maar goed, de vrouw sec of dubbelton doen ook mee, voor een paar procentjes extra. Ik heb het later thuis uitgerekend: het gaat in totaal om zo’n 23 procent.
Speel je drie keer harten en ze valt niet (maar west bekent wel steeds), dan moet west zowel V als H hebben. Voor elk daarvan afzonderlijk geldt een kans van 50 procent; voor beide op die hand dus 25 procent.
De afweging gaat dus tussen de directe snit naar B, of spelen op Vx(x) ergens met als toegevoegde kans de klaver/harten dwang op west.
Het punt is dat je die beslissing nu moet nemen na de eerste ruiten te hebben getroefd en met troef naar je hand te zijn overgestoken. In slag zes al snijden in een grootslem voelt niet lekker, maar hou het hoofd koel.
Alleen een computerprogramma heeft alle percentages paraat, voor menselijke spelers is het aan tafel een ruwe schatting. Het leek me dat de kans op het vallen van V met als toegevoegde kans de harten/klaveren dwang in totaal iets slechter uitviel dan de simpele 50 procent kans op V goed.
Voor de dwang-aanpak pleit echter dat je er een mooi verhaal aan overhoudt als die lukt.
Voor de snit naar B, nu direct te nemen, pleit dat je kunt claimen voor contract als die lukt, of voor eentje down als die mislukt.
Enfin, ik had aanleiding om het afspel snel naar een einde te voeren en sneed in slag zes naar B. Die hield. Claim: op AH gaan twee klavertjes weg en voor mijn vierde ruiten ligt nog een troef op tafel.
Nog even kijken wie H had. Oost! Dus zou de dwang niet hebben gewerkt. Mazzel.

Dit bericht is geplaatst in Spel van de week. Bookmark de permalink.

4 reacties op Spel van de week 128: grootslemperikelen

  1. BCL schreef:

    Je kunt je volgens mij tegen een eventueel 3-1-zitsel van de troeven het beste wapenen door na het incasseren van twee hoge ruitens de eerste kleine ruiten te troeven met de tien, dan oversteken naar de hand met een kleine troef naar de vrouw, daarna de tweede ruiten troeven met de boer en weer terug naar de hand met een kleine troef naar de heer. Je kunt dan met je aas zo nodig de laatste troef ophalen. Klopt dat?

    • hans van der heijde schreef:

      Je hebt een troef-uitkomst gehad. Je incasseert R-AH en troeft een ruiten, zeg je. Met troef naar je hand en nog een ruiten getroefd? Telraam pakken: je hebt nu 4 troeven van de dummy gebruikt, dus zijn de troeven van de dummy op en kun je dus niet meer met troef oversteken.
      HvdH

  2. Albert Sikkema schreef:

    Ja, je hebt gelijk. Dat van die troefuitkomst was ik even kwijt. Ik begrijp nu waarom je speelde, zoals je speelde.

  3. Ep Mul schreef:

    Leuk beredeneerd en gespeeld Hans. Maar moest je dat nu uitgerekend tegen ons doen ?

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.