KPMG Butlermarathon Zwolle

redoublet.jpgOp zaterdag 19 maart jl. werd in het Denksportcentrum in Zwolle het KPMG Butler toernooi gespeeld, een bridgemarathon over 72 spellen. Het is een ontzettend leuk toernooi. Niet alleen is de catering prima verzorgd met ’s avonds een lekker Chinees buffet, maar ook de organisatie is altijd uitstekend en het deelnemersveld inspirerend.

Dat was ook dit jaar weer het geval, met niet alleen tientallen tweede en eerste divisieparen, maar zelfs meesterklassers als Maarten Schollaert, Aarnout Helmich, Gerbrand Hop, Frank Bakkeren, Mas Koekenbier, Peter IJsselmuiden, Wil Alkemade, Paul Maris, Jaap Stomphorst en Niels de Groot. Deze laatste twee hebben het toernooi gewonnen met een enorme score van 109 imps. Tweede waren Martijn Termaat en Bert Paping en derde Wil Alkemade en Paul Maris. Onze eigen Harry Burmania en Hans van der Heijde eindigden met +82 imps op een geweldige vierde plaats. Chapeau, heren.

Siebren en ik zijn de laatste weken verschrikkelijk uit vorm. In de clubcompetitie staan we op een troosteloze 12e plaats, goed voor degradatie…… In de halve finale gemengde paren presteerden we ook al niks en ook op het recente Pattontoernooi konden we geen potten breken. Een tijdje geleden gedegradeerd uit de 2e divisie viertallen, wat ik echt heel jammer vind want niet alleen ben je weer “veroordeeld” tot de hoofdklasse, zie daar maar weer eens uit te komen met altijd wel een sterke concurrent. Het werd dus tijd voor een succesje en na de eerste zitting van het toernooi, dacht ik even dat het ging lukken. Onze beste tafel was note bene tegen het meesterklassekoppel Wil Alkemade met Paul Maris, twee buitengewoon goede maar ook plezierige tegenstanders. Zeer eerlijk en ethisch, nooit cynisch of neerbuigend naar hun tegenstanders en als jij als mindere speler iets goed doet, zijn ze niet te beroerd je te complimenteren. De dikste score van de tafel, + 7, kwam door het volgende spel.

Nu ik het spel opschrijf, zie ik tot mijn verbazing dat Wil – west – maar liefst 7 schoppens had. Toch opende hij slechts 2Sc. Misschien dat zij dit in de eerste hand kwetsbaar als een beter spel spelen en had hij geen zin om gedoubleerd kwetsbaar veel down te gaan. Maar dat valt reuze mee: als ik niet met KlA start – en dat doe ik zeker niet – is het gewoon gehaald. Na 2Sc – pas – pas bood Siebren in de vierde hand 3Ru. Wil past en nu ben ik.

Wat is wijsheid? 3Ru is echt wel een goed spel. Maar Siebren heeft niet gedoubleerd, dus daar was hij kennelijk niet sterk genoeg voor. Na rijp beraad besluit ik te passen. Paul Maris houdt de bieding open met een doublet, Siebren past en Wil biedt uiteraard 3Sc. Nu ben ik weer. Ik besluit een klein gokje te nemen: 3SA. Ik heb in eerste instantie op 3Ru gepast, dus Siebren weet dat ik niet echt sterk ben. Maar ik heb kennelijk wel wat. Paul Maris gelooft het niet meer en doubleert. Siebren doet nu het in mijn ogen verstandige bod van redoublet. Dat betekent bij ons in deze situatie: “partner, ik heb mijn twijfels. Als jij echt een goede reden had om 3SA te bieden, mag je blijven zitten, maar ik ben bang dat je het niet maakt omdat er iets aan de hand is”. Siebren deed dit omdat de kwaliteit van zijn ruitens niet goed was. Als ik ruitenaas zou hebben met de schoppens gedekt, zou ik in de eerste biedronde wel 3SA of 3Sc geboden hebben. Wil past en omdat mijn ruitens slecht zijn en mijn klaveren ook dubieus – ik vermoedde dat het doublet van Paul op goede klaveren was gebaseerd – kies ik eieren voor mijn geld en bied 4Ru. Helaas doubleren de heren dit niet, want dat wordt probleemloos gemaakt.

Het allerlaatste spel voor de middagpauze is ook een hele spannende.
We spelen tegen Claudia Eikmans en Ruurd Riewald, niveau 2e divisie. Daar is trouwens nog heel wat om te doen, om dat niveau tweede divisie, inzake het invallen van Claudia in een hoofdklassewedstrijd tegen een team met o.a. Jan Jansma. Ja, u leest het goed, DE Jan Jansma, bekend meesterklassespeler die nu in de hoofdklasse in Overijssel speelt en bezwaar maakte tegen het invallen van Claudia omdat zij een kennelijke versterking zou zijn…….. Hilariteit alom wat leidde tot een cynisch stukje van Erwin Witteveen op een bridgeforum in Zwolle met een onhandige opmerking aan het adres van Hans Melchers. Dit leidde tot ieders verbazing tot het royement van Erwin Witteveen door de NBB, zonder dat ze ook maar enig onderzoek gedaan hebben naar de kwestie. Hoe weet ik dit alles: ik ben lid van het forumclubje in Zwolle. Vreselijk sneu en akelig voor Erwin die er behoorlijk overstuur van is en wat mij betreft een gigantische miskleun van de NBB. Maar het laatste woord is hierover zeker nog niet gesproken. Enfin,Claudia is sindsdien uiteraard beroemd geworden – zie ook een uitgebreide forumdiscussie op de website van het bridgeblad Imp van Jan van Cleeff.

We spelen dus tegen Claudia met haar partner Ruurd en Claudia opent met de westhand
2Kl: sterk of zwak met beide hoge kleuren. Ik pas en Ruurd biedt 2Ru, vragend naar de langste kleur. Siebren komt erin met 3Kl en Claudia past. Nu ben ik. Die KlHxx is natuurlijk prachtig en waarschijnlijk goed voor zes klaverslagen. En ik heb een schoppendekking. Ik waag 3SA, à tempo gedoubleerd door Ruurd. Siebren pas en Claudia past. Wat nu?

Ik moet meteen denken aan het spel tegen Paul en Wil waarin Siebren een SOS redoublet op 3SA gaf. Dat heeft hij nu niet gedaan, dus kennelijk zijn niet alleen zijn klavers goed maar heeft hij er ook nog wat bij. Een hartendekking of een ruitendekking? Ik weet het niet en kom er ook niet achter. Ik besluit het te wagen en blijf zitten in 3SA gedoubleerd.

Ruurd – oost – komt uit met een kleine ruiten en als ik de dummy zie, slaat de schrik me om het hart. De eerste slag is voor ruitenvrouw, gevolgd door een schoppentje. Een schoppentje??? Dan zitten de ruitens kennelijk 6-1. Oost mag dus absoluut niet aan slag komen, want dan komt het dak naar beneden. Ik besluit daarom ScH te leggen, die de slag maakt. Ik weet nu dat oost RuAH10852 heeft, maar is dat alles waar hij op gedoubleerd heeft? Dat geloof ik eigenlijk niet en ik bedenk dat hij gedoubleerd heeft omdat hij de klavers tegen heeft. Ik heb geen entrees naar mijn hand en besluit oost te spelen op
KlV983. Ik speel een klavertje naar de 10 en tot mijn schrik en verbazing bekent west. Dat was dus een levensgevaarlijke manoeuvre….

Maar ik heb nu inmiddels al 8 slagen: 6 klaveren, ScH en HaA. Ik kom met KlH nog één keer in mijn hand en kan nu alles op alles zetten en een hartensnit nemen voor de negende slag. Maar zou Claudia zonder HaH met 2Kl geopend hebben? En wat misschien nog een sterker argument is: zou Ruurd niet met harten uitgekomen zijn van HaHxx?

Ik zie van de hartensnit af en zie nog een andere maakkans: als Claudia ScAV10 heeft, kan ik haar met schoppenboer ingooien en dan moet ze óf een schoppenslag brengen óf van
HaHeer afspelen naar mijn HaAB of tafel. Helaas is dat laatste te mooi om waar te zijn: na 8 slagen blijkt de koek op te zijn. Maar o wee als ik per abuis een kleine schoppen had gelegd in slag twee, dan was ik 3 down gegaan voor -500. Nu was het -100 en dat leverde 0 impen op.

Hester Gast

Dit bericht is geplaatst in Artikelen. Bookmark de permalink.

3 Responses to KPMG Butlermarathon Zwolle

  1. hans van der heijde schreef:

    Je schrijft over het eerste spel dat 3S gewoon gehaald wordt als jij als noord niet met Kl-Aas start. Maar start maar eens met R-10. Die moet genomen worden met het aas, anders speelt Siebren na R-V direct klaver na.
    Sch-B na? Laten we zeggen dat je die een rondje duikt. Schoppen na via de V voor jouw aas. Dan R-8 voor R-V en weer ruiten. Nu promoveert S-10. Voor eentje down (twee troefslagen, een ruitenslag, H-Aas en Kl-Aas). Ik kreeg r-10 uit tegen mijn 3S ….

  2. Hester Gast schreef:

    ja, je hebt gelijk Hans

  3. Ruurd schreef:

    Ik speel geen 2K opening voor majors. Moet 2H zijn. Speel al 8 jaar geen tweede div trouwens.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.