BCL verovert zilver bij de open NK voor seniorenteams!

Op 21 november jl. zouden we – Harry Burmania met Willem Flisijn en John Linse met Hans van der Heijde – naar Utrecht afreizen om deel te nemen aan de open NK voor seniorenteams.

Helaas moest dat worden afgelast. Maar de NBB zag kans snel een online-versie te organiseren. Zodat we op die 21e november ’s ochtends om een uur of tien thuis aan het scherm zaten om in te loggen, waarna we om half elf aan virtuele tafels werden geplaatst. 7×7 spellen, indeling per ronde op basis van de tussenstand.

Meteen in het eerste spel is het al raak. Ik mag als noord (N/-) beginnen met 3, V643, AV9643, 72. Wij gaan erg losjes om met preëmptieve openingen en deze ruitenkleur is prima voor 3. Maar met V643 en op de eerste hand erbij is me dat te gortig: het kan best een hartenmanche voor ons zijn.
Ik pas dus, waarna oost met een multi-2 opent. John past, west 2SA, de sterkste en forcing relay, oost vragend zijn kleur en zijn kracht aan te geven. Nu kom ik er wel in met 3. Louter om tactische redenen: zo’n 2SA-vraag kent een waaier van antwoorden, 3 als erg zwak met harten, 3 idem met schoppen, 3 als een mooie zwakke twee in schoppen en 3 idem in harten. Niet alleen neem ik met 3 een deel van de antwoordmogelijkheden weg, veel paren hebben bovendien geen heldere afspraken over deze situatie, ook al niet omdat na zo’n 2SA vrijwel nooit wordt tussengeboden. Het risico om in 3 gedoubleerd te eindigen is niet groot: OW zitten in de manche-zone en moeten echt wel drie down op hun netvlies hebben, willen ze gaan tegenspelen.
Uiteindelijk dubbelt oost, John en mij vertellend dat hij daarmee een erg zwakke hand met schoppen aangeeft. John past, west 4, bedoeld als: maat, passen als dat je kleur is, corrigeren naar 4 als die het is. Rondgepast! Inderdaad, geen heldere afspraken, want west zit nu in de 4-1 fit. Als ik tot overmaat van zijn ramp ook nog de beste uitkomst van 7 vind gaat 4 zes (!) down.
Consequent gepast door oost trouwens: hij meende immers te hebben verteld wat hij had, als west dan toch kiest voor 4, dan moet dat om te spelen zijn.
Overigens bleek het normale contract van 4 (in de 6-3 fit) ook niet te halen. Harry en Willem gingen daarin twee down, maar evengoed leverde 300 min 100 = 200 in de wedstrijd toch 5 imps op. Een lekker begin.

Tegen het team van Han Begas pak je halverwege de dag als west (O/Allen) op: 52, HT874, H3, A985. Je maat opent – daar is-ie alweer – een multi-2. Rechts past. Ik neem aan dat je 2 biedt, half en half een pas verwachtend van je maat. Hij biedt echter 2SA, een 21/22-SA-hand aangevend.
Met 3 transfereer je je hartenkleur. Maat 3. Let op: dat belooft precies een dubbelton harten en ontkent een 5-kaart schoppen. Met een 3-kaart of langer in harten zou hij de transfer verbroken hebben met een kleurbod; met een dubbelton harten en een 5-kaart schoppen zou hij 3SA hebben geboden op 3.
Goed, wat doe je, dat wetende?
3SA dan maar?
John beet door en liet met 4 zijn tweede kleur horen. Maat 4: klaverfit en controle in ruiten. Waarna we als een speer naar 6 gingen. Ik had: AHV4, A3, A9, HB643. Toen John geïnspireerd Han Begas’ Vxx er uitsneed noteerden we zelfs een overslag en +1390 (“Han, je moet je kaarten beter voor je houden”). Tegen Harry en Willem zaten ze, net als het merendeel van het veld, in 3SA (+2) voor 660 wat 12 imps winst in de wedstrijd betekende.

Dan een uitkomstprobleempje. Als noord (O/Allen) heb je (had ik): HB, T973, BT32, 542. Oost, Rens Paternotte, opent 1. John past, west, Bert Paping 1SA, je past, Rens 3SA, einde. Wat kom je uit?

West zal iets hebben wat in de buurt komt van een 3-3-4-3 of een 3-3-3-4 met 6 tot 10 punten. Oost zal een min of meer vlakke 18/19 punter hebben. John kan ik dus inschatten op zo’n 8/9 punten en verder weet ik dat hij een 4- of 5-kaart schoppen moet hebben: OW hebben er samen immers niet meer zeven. Als John er vijf heeft, zullen ze niet van Repko-kwaliteit zijn, anders had hij wel 1 gevolgd.
Als we schoppenslagen moeten maken om 3SA down te krijgen, moeten we het blokkade-probleem overwinnen. Kom ik met ruiten of harten uit, dan dreigt een scenario dat Johns aankomer weg is, eer het schoppenblokkade-probleem is opgelost. Enfin, ik bedacht dat, als het raak zou zijn, ik een goed verhaal had en als het de weggeef-start was, ik nog kon terugvallen op een misclick-smoes (online spelen heeft ook zo z’n voordelen ….). Kortom, ik legde H op tafel. Zie onderstaand diagram:

O/OW HB
T973
BT32
542
972
VB2
HV964
73
N
W        O
Z
T863
AH
A7
AVB96
AV54
8642
85
HT8
W N O Z
1 pas
1SA pas 3SA pas
pas pas

H hield, de vanzelfsprekend nagespeelde B ook. Harten na. Bert deed het nog goed door na AH, A, H en V (John 8 weg), niet ook V te incasseren, vooraleer de klaversnit te nemen (dan gaat hij twee down), maar nemen moest hij die, zodat we H en vier schoppenslagen maakten: één down en 100 voor ons. Alleen een schoppenuitkomst maakt 3SA kansloos, waarmee echter niet gezegd is dat je het anders zomaar haalt.
Harry zat ook in 3SA en kreeg een hartenuitkomst. De simpelste weg naar negen slagen is direct A en V spelen, erop speculerend dat de schoppen of 3-3 zitten, of dat ze blokkeren, zoals hier. De klaveren 3-3, of 10 in een dubbelton bezorgt je direct negen slagen, en werkt dat niet, dan kunnen de ruiten nog 3-3 zitten (of 4-2 met BT in de dubbelton). Harry deed het niet zo, hoe hij negen slagen haalde, weet ik niet precies, maar hij kwam wel met +600 thuis, samen met die 100 van ons goed voor 12 imps in de wedstrijd.

Met nog één wedstrijd te gaan, tegen de koplopers, twee Gosschalks en twee Van Eycks, stonden we derde. We wonnen die laatste wedstrijd wel, maar niet dik genoeg om de kop over te kunnen nemen. Maar we haalden wél genoeg om de nummer twee te passeren: zilver dus.

John en ik gingen de hele dag als de brandweer. Alleen in de laatste wedstrijd hebben we wat laten liggen. In het butlerklassement van alle paren eindigden we met +56 als tweede. Harry en Willem hadden in de eerste drie, vier ronden een paar dure afzwaaiers, maar bogen toen hun negatieve imp-score met goeie rondes om in een positieve en eindigden met +16.
Als team eindigden we met een wedstrijdgemiddelde van bijna 13 met ruim 89 wedstrijdpunten.

Dit bericht is geplaatst in Wedstrijdverslagen. Bookmark de permalink.

2 reacties op BCL verovert zilver bij de open NK voor seniorenteams!

  1. Willem Ooiman schreef:

    Van harte gefeliciteerd mannen, puik!
    Petje af voor John om op dat 4 kaartje klaver 4K te bieden. Hier betaalt het uit dat hij wist dat jij slechts een dubbelton harten had en geen 5 kaart schoppen, dus in ieder geval minstens een 4 kaart laag.Hoe zou je trouwens hebben afgezwaaid als je in plaats van een 5 kaart klaver een 5 kaart ruiten had gehad?
    Als je Simon de Wijs zijn startproblemen in IMP volgt, is die schoppenheer uitkomst bijna standaard (wat niet wil zeggen dat ik er geen bewondering voor heb, hoor): onder het motto: zoek maats 5 kaart. Hier dus een heel goede 4de en ook in de roos!.
    Groet, Wim

  2. hans van der heijde schreef:

    Sch-H als: zoek maats 5-kaart? Als hij er vijf heeft en toch afzag van een volgbod, zijn ze slechter dan VTxxx, gegeven dat hij een punt of 9 lijkt te hebben. Wat me over de brug hielp was de ervaringswetenschap dat hij niet snel met een 4-kaart pleegt te volgen en dus AVxx kon hebben.

    Die 6Kl, bereikt na dat goeie 4Kl-bod. Ik schreef het wel mooi naar slem bieden toe, door 4R als controle voor klaveren te presenteren, maar je hebt gelijk, met een goeie 5k R moet je 4R kunnen bieden, als: die heb ik.
    Dat realiseerde ik me aan tafel ook wel.
    In het feitelijke biedverloop bood John niet 2Sch, maar 2H op mijn 2R. Daarna ging het 2SA – 3R; 3H – 4Kl; 4R – 4H.
    Ik heb nog even gedacht aan grootslem. Als John iets als dit heeft: xx, HVxxx, xx, AVxx, dan is 7Kl een prima contract.
    Maar met die hand zou hij zeker 2Sch geboden op 2R. Daarom bood ik op 4H simpelweg 6Kl.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.